Ok

En poursuivant votre navigation sur ce site, vous acceptez l'utilisation de cookies. Ces derniers assurent le bon fonctionnement de nos services. En savoir plus.

mercredi, 04 novembre 2015

Erdogan, le président sur le chemin du sultanat

erdo-805x453.jpg

Erdogan, le président sur le chemin du sultanat

Une victoire des islamistes qui ne règle rien

Jean Bonnevey
Ex: http://metamag.fr
Une fois de plus les sondages se sont trompés, les observateurs aussi. Il y a 5 mois Erdogan perdait la majorité absolue. Les médias cependant ont transformé en vote pour une démocratie plurielle le score au-dessus des 10 % d’un parti pro kurde et anti Erdogan. Ce parti, sans s’effondrer, recule et les islamistes reprennent une majorité absolue qui leur avait échappé sans pour autant atteindre l'objectif des 2 /3 leur permettant de changer la constitution. Le pouvoir islamiste a bénéficié en fait de l’effondrement de la droite nationaliste.

Un grand nombre de Turcs ont voté pour l’ordre, la stabilité et la sécurité. L'inquiétude a profité à Erdogan alors qu’on aurait pu penser qu’il paye le prix des dégradations du pays. En effet la reprise de la guerre contre les kurdes, l’engagement même limité contre Daech et l'afflux de réfugiés a poussé une partie de l’électorat à éviter tout risque de déstabilisation politique. Le premier ministre islamiste pense, lui, que ce vote est un don de dieu. On lui laissera la responsabilité de cette analyse pointue.

Ce qui est sûr c’est que l’opposition, trompée par les sondages, est  sonnée et n’a rien vu venir. Attendu par les sondages comme l'un des principaux bénéficiaires de ce scrutin d'automne, le parti social-démocrate CHP a déçu. Avec 25,38 % des voix, il n'obtient que deux nouveaux sièges au Parlement. « Le parti est bloqué dans son vivier électoral, autour de 25 %, et n'a pas su attirer de nouveaux électeurs, il va falloir sérieusement repenser notre discours », estime sobrement Aykan Erdemir, membre du parti de gauche. Le discours de stabilité, autour des questions de sécurité, prôné par le gouvernement a su séduire les électeurs du parti nationaliste MHP . Preuve en est, le score calamiteux de la formation d'extrême droite qui, avec 11,93 % des voix, perd près de la moitié de ses sièges par rapport au scrutin de juin. La frange conservatrice et religieuse de la population kurde, elle aussi, s'est ralliée au parti conservateur et a fait défection au parti HDP.

Le patron de l’AKP se retrouve à la tête d’un pays de 75 millions d’habitants qu’il a contribué à polariser chaque jour davantage et dont la moitié de la population lui est farouchement opposée : laïcs contre religieux, Turcs contre Kurdes, sunnites contre alévites, élites urbanisées contre conservateurs du plateau anatolien. Ce paysage politique fragmenté est encore fragilisé par une situation économique des plus médiocres et par un environnement extérieur dominé par la guerre en Syrie. Ce résultat va peser lourd sur l’évolution de la guerre en Syrie, sur une crise des réfugiés qui s’installe dans la durée et, enfin, sur les relations de ce pays membre de l’OTAN avec ses partenaires européens.

Les islamo-conservateurs des médias aussi pertinents que les sondages ont toujours été des islamo autoritaires tentés par un islam totalitaire d’état, un islamisme mais à la turque bien sûr.

vendredi, 12 juin 2015

Turkije: opgelet voor de tweekoppige draak!

loups-gris-bandeau.jpg

Opgelet voor de tweekoppige draak

Verkiezingen in Turkije

door Dirk Rochtus
Ex: http://www.doorbraak.be

Wordt de tweekoppige draak AKP-MHP tot leven gewekt, krijgen de verkiezingen voor de Koerden een bittere nasmaak.

De Turkse kiezer heeft bewezen verknocht te zijn aan de democratie. De autoritaire stijl van president Recep Tayyip Erdogan van de AKP valt niet in de smaak bij de bevolking. Dat Erdogan van de invoering van een presidentieel systeem via een grondwetswijziging de inzet van de parlementsverkiezingen had gemaakt, kost zijn partij nu de gewenste tweederdemeerderheid, om nog maar te zwijgen van de absolute.

Veel liberaal ingestelde Turken kozen eieren voor hun geld door te kiezen voor een partij waarvoor ze normaal niet zouden stemmen. De pro-Koerdische Democratische Volkspartij (HDP) scheen hen het meest geschikte middel om een dam op te werpen tegen de plannen van Erdogan om van Turkije een autocratisch bestuurd land te maken. De ironie wil dat het de Koerden zijn – de Turkse Koerden – die de Turkse democratie moeten redden. De strijd van de Turkse staat tegen de Koerdische Arbeiderspartij (PKK) en meer algemeen tegen Koerdische dromen over meer autonomie, hebben de Turkse samenleving jarenlang verlamd. De jaren 90 van de vorige eeuw, toen de gewapende strijd op zijn hoogtepunt was, gelden als 'verloren decennium'. Van hervormingen richting meer democratie was toen amper sprake.

Diepe kloof

Het moet gezegd dat de AKP in de eerste jaren na haar aantreden in 2002 een frisse wind deed waaien in Turkije en zelfs een opening naar de Koerden maakte. Maar de laatste jaren was de wind weer gekeerd. Erdogan voer een meer autoritaire koers en leek het vredesproces met de Koerden te willen opofferen op het altaar van een meer staatsnationalistisch beleid.

De kiesdrempel van 10 procent – de hoogste ter wereld – was oorspronkelijk ingesteld om democratische pro-Koerdische partijen uit het parlement te houden. Ook nu weer was het bang afwachten of de HDP het zou halen. Gelukkig beschikte de partij met de figuur van covoorzitter Selahattin Demirtas over een charismatisch boegbeeld en bood ze een alternatief aan die Turken die vreesden voor een almachtige AKP.

Met 12,6 procent zorgt de HDP nu voor de grote verrassing. De AKP zelf kan met 41 procent van de stemmen nog altijd op een benijdenswaardige populariteit bogen. Niettemin kan een partij die in haar hoogmoed zoveel meer wilde, alleen maar teleurgesteld zijn. Voor het eerst in dertien jaar zal er weer een coalitieregering moeten worden gevormd. Van een leien dakje zal dat niet lopen, zo diep is de kloof tussen de verschillende partijen. Sommige AKP-politici gewagen zelfs al van nieuwe verkiezingen, mocht er na 45 dagen nog geen regering gevormd zijn. Een bewijs dat ze nog altijd niet beseffen dat democratie ook inhoudt dat je naar de kiezer luistert en dus compromissen sluit.

Koerdische dromen

Gaan de Turken hun landgenoten van Koerdische oorsprong nu omarmen op weg naar een democratischer, meer pluralistisch en meer geregionaliseerd Turkije? Atatürk, de stichter van de Republiek Turkije, had begin jaren 20 de Koerden voor zijn kar gespannen om mee te strijden tegen de Griekse invaller, maar na het gedane werd hun hoop op meer culturele rechten verbrijzeld. Ook nu weer tonen de Turkse Koerden hun bereidheid om op te komen voor een beter Turkije. Daarvoor hebben ze hun vroegere dromen van staatkundige onafhankelijkheid laten varen. Ze zouden al tevreden zijn met meer autonomie binnen het Turkse staatsverband, maar niet als doel op zich. Demirtas had dat kernachtig uitgedrukt met de woorden: 'De Koerdische kwestie kan niet los worden gezien van de democratisering van Turkije.'

Gevaarlijke coalitie

Maar de coalitievorming kan nog onaangenaam uitdraaien. De ultra-nationalistische MHP, die niets wil weten van toegevingen aan de Koerden, is van 13,1 naar 16,5 procent geklommen. Ze geldt als de meest geknipte coalitiepartner voor de AKP, ook al omdat ze in het verleden de regeringspartij vaak gesteund heeft, bijvoorbeeld toen het hoofddoekenverbod in de openbare sector werd opgeheven. Een eventuele coalitie van AKP en MHP zou tot meer confrontatie leiden met de Koerden die nu natuurlijk meer verwachten van de Turkse staat. Als zo'n tweekoppige draak tot leven wordt gewekt, zullen de verkiezingen voor de Koerden een bittere nasmaak krijgen.

Ook de voorstanders van toetreding van Turkije tot de Europese Unie (EU) reageren enthousiast op deze stembusslag. Inderdaad, de Turkse democratie staat er, ondanks alle groeipijnen. De vraag is wat de Turkse politici met het mandaat van de kiezer aanvangen. Als de dromen van de pro-Koerdische partij voor meer democratie – zowel van haar achterban als van haar modern ingestelde gelegenheidskiezers – in de wind worden geslagen, zullen de Europese tegenstanders van Turks EU-lidmaatschap zich weer gesterkt weten in hun afwijzende houding.

(Dit artikel verscheen eerder in De Standaard).

mercredi, 10 juin 2015

La Turquie refuse à Erdogan sa super-présidence

erdogan-a-istanbul-le-29-mars-2014_4865479.jpg

La Turquie refuse à Erdogan sa super-présidence

par Thomas Ferrier

Ex: http://thomasferrier.hautetfort.com

Les électeurs turcs ont rejeté Super-Erdogan, ce « héros » auto-proclamé de la Turquie islamique et néo-ottomane, nouveau calife en son luxueux palais. Depuis la fin du mandat d’Abdullah Gül, son vieux complice désormais marginalisé, et son élection, Recep Erdogan n’a cessé de jouer les autocrates et encore récemment fêtait devant ses troupes militantes la victoire de Constantinople en 1453.

Avec 40.93% des voix, et 256 députés (sur un total de 550), l’AKP réalise une contre-performance même si ce parti reste le premier du pays, perdant plus de huit points par rapport à 2011 et 72 sièges. Il est désormais bien loin de la majorité absolue et bien davantage encore du nombre de sièges nécessaires pour faire voter une révision constitutionnelle accentuant le caractère présidentiel du nouveau régime qu’il souhaite mettre en place, mais que 75% des Turcs selon les derniers sondages, et même 60% de ses propres électeurs, refusent.

Avec 25.08% des voix et 132 sièges, le mouvement kémaliste CHP ne progresse guère en nombre de voix. Le CHP échoue une fois de plus à représenter une véritable alternative aux yeux des électeurs, la réislamisation en cours de la Turquie que l’AKP a fortement encouragée depuis dix ans lui étant nettement défavorable, y compris à Istanbul et à Ankara.

Avec 16.38% des voix (+3.37) et 82 sièges (+29), démentant ainsi tous les sondages, les nationalistes du MHP réussissent en revanche un très bon score, même s’ils ne retrouvent pas leur résultat de 1999 (18%). Ils bénéficient de la perte de crédits d’Erdogan et de l’échec de la ligne néo-ottomane du premier ministre Davutoglu. A côté d’eux, les nationaux-islamistes du BTP avec 0.38% sont nettement marginalisés.

Le vainqueur indiscutable de ce scrutin est le DHP, ce parti démocrate représentant surtout les Kurdes mais aussi les minorités. Avec 13.1% et 80 sièges (+50), il fait une entrée fracassante au parlement et réussit surtout à empêcher l’AKP de bénéficier de la prime, car ses sièges auraient été au premier parti du pays en cas de score inférieur à 10%. Une part importance de l’échec de l’AKP s’explique par un vote massif en faveur du DHP dans le Kurdistan et même en dehors (10.6% à Istanbul, 11.5% à Izmir).

Enfin, le parti islamiste Saadet en revanche reste très faible avec 2.06% des voix (+1.06) même s’il progresse très légèrement. Les autres partis sont très faibles, à l’instar du parti de gauche radicale Vatan Partisi (0.33%), du DP nationaliste (0.15%), du Turk Parti (0.12%) ou encore des libéraux-démocrates (0.05%).

Ces résultats vont contraindre l’AKP à mettre en place une coalition qui limitera considérablement sa marge de manœuvre. On pourrait aussi imaginer une grande coalition contre lui au parlement, mais l’incompatibilité doctrinale totale entre le MHP (nationalisme turc) et le DHP (pro-Kurdes) rend cette hypothèse peu vraisemblable. Une grande coalition AKP/CHP est de même totalement inconcevable. Une coalition MHP/AKP, alors que le MHP est opposé à l’adhésion à l’UE du pays, est en revanche imaginable, de même qu’un gouvernement AKP minoritaire.

Du point de vue des Européens opposés au processus d’adhésion de la Turquie à l’Union Européenne, ces résultats électoraux ne sont pas nécessairement une bonne nouvelle. La dérive autoritariste d’Erdogan était un argument en or pour y mettre fin et en tout cas pour faire traîner les choses au maximum. Avec la montée du DHP, qui prône davantage de démocratie et de droits, cet alibi est affaibli. En revanche, une coalition AKP/MHP serait très positive car les nationalistes turcs sont de farouches opposants à l’adhésion à l’UE. De plus, mouvement d’extrême-droite lié au Bozkurt (« loups gris »), sa réputation en Europe occidentale est plutôt négative.

L’AKP a en tout cas connu son premier revers significatif, même si ce parti est loin d’être à terre. Perdre huit points en quatre ans alors qu’il est le parti sortant n’est pas lamentable. Et puis certains électeurs ont voulu mettre un frein aux ambitions du chef de l’Etat ou ont été révulsés par quelques scandales de corruption. Il y a enfin la croisade intérieure que mène Erdogan contre le mouvement Fetullah Gülen, après s’en être pris à l’opposition laïque au sein de l’armée et de la presse. Mais Erdogan découvre désormais que le peuple ne le suit plus aveuglément.

 

Thomas FERRIER (PSUNE/LBTF)

Erdogan en zijn tegenstanders in Europa zijn objectieve bondgenoten

erdogan.afp_.gi_.jpg

Erdogan en zijn tegenstanders in Europa zijn objectieve bondgenoten

door Dirk Rochtus

Ex: http://www.doorbraak.be

De tegenstanders van Turks EU-lidmaatschap hekelen Erdogan, maar in feite zou een overwinning van hem een godsgeschenk zijn voor hen.

Een 'nieuw Turkije' vormt de inzet van de Turkse parlementsverkiezingen die vandaag 7 juni gehouden worden. Als de regerende Partij voor Gerechtigheid en Ontwikkeling (AKP) twee derde van de zetels in de wacht sleept, kan ze via een grondwetswijziging een presidentieel systeem invoeren. De huidige president Recep Tayyip Erdogan zou meer armslag krijgen en verder gestalte kunnen geven aan wat hij het 'nieuwe Turkije' noemt. Maar wat betekent hier 'nieuw'? Algemeen luidt de kritiek in binnen- en buitenland op Erdogan dat Turkije onder hem (als premier toen) een meer autoritaire koers is gaan varen. Onder een president die uitvoerende macht verwerft, zou die tendens nog worden versterkt. Zo een president zou in staat zijn om nog meer een conservatieve moraal aan te prijzen, nog meer grootse en zelfs megalomane projecten op touw te zetten en nog een forser buitenlands beleid erdoor te duwen. Hij zou nog minder rekening hoeven te houden met kritiek van mensenrechten- en milieuactivisten, vakbonden, journalisten of vertegenwoordigers van minderheden. Hij zou op die manier inderdaad op 29 oktober 2023 bij de honderdste verjaardag van de stichting van de republiek kunnen terugblikken op een 'nieuw Turkije'. Een dergelijk land zou misschien modern ogen omdat er nieuwe, glinsterende bouwwerken oprezen, omdat er nieuwe wegen getrokken en grote stuwdammen aangelegd werden, maar het zou vaak ten koste van het milieu en van de leefomstandigheden kunnen gegaan zijn. Een dergelijk land zou misschien geen sociale conflicten kennen onder het mom van een 'harmonische' samenleving die wordt aangestuurd door een sterke president en een machtige regeringspartij. Maar nieuw in de zin van respectvol tegenover andere meningen en samenlevingsvormen zou het niet zijn. Paradoxaal gezien zou de overwinning van de AKP op zondag 7 juni net meer van hetzelfde zijn.

Risico's

Het klopt dat er onder de AKP heel wat verwezenlijkt is. De economie ging er op vooruit en er kwam een opening naar de Koerden. Maar Erdogan ontpopte zich ook tot de pleitbezorger van een meer conservatieve, religieus geïnspireerde moraal, terwijl hij tegelijkertijd kritische mensen de mond snoerde. De onafhankelijkheid van pers en justitie is bedreigd, oppositiepartijen bieden weinig weerwerk. Maar nu zit er met de pro-Koerdische Democratische Volkspartij (HDP) een flinke luis in de Turkse pels. Bij de vorige parlementsverkiezingen stuurde haar voorgangster direct gekozen volksvertegenwoordigers naar het parlement die daar dan een fractie vormden; nu komt de HDP als geheel op. Een groot risico, want haalt de partij de kiesdrempel van tien procent? De HDP rekent niet alleen op de stemmen van nationalistische Koerden, maar ook op die van liberale en seculiere Turken die naar een alternatief voor de AKP snakken. Selahattin Demirtas, de charismatische voorzitter van de HDP, waagt het erop omdat hij bij de presidentsverkiezingen van augustus vorig jaar 9,77 procent van de kiezers achter zich wist te scharen. Erdogan probeert nu religieus voelende Koerden voor zich te winnen en deinst er niet voor terug Demirtas te bestempelen als 'zoroastriër' (aanhanger van de leer van de Oud-Perzische profeet Zarathustra).

Frustratie

Als de HDP de kiesdrempel haalt, ziet de AKP haar gewenste twee derde meerderheid in rook opgaan. Indien niet, gaan de 50 zetels die de HDP normaal zou halen naar andere partijen. De gevaren zijn in dat geval niet min. De Turkse Koerden – degenen onder hen die dromen van meer autonomie binnen het Turkse staatsverband – zijn dan niet vertegenwoordigd in het parlement. Uit frustratie trekken ze misschien weer de separatistische kaart. Nog meer botsingen met de centralistische Turkse staat zijn dan voorgeprogrammeerd. Aan het huidige bondgenootschap tussen gematigde Koerdische nationalisten en liberale Turken komt ook een einde. Erdogan zal zo Turkije nog meer naar zijn inzichten kunnen boetseren.

Analisten vragen zich af of Turkije omwille van zijn meer op het Midden-Oosten gericht beleid wegdrijft van het Westen. Maar zou een Turkije onder een sterke president als Erdogan niet ook in zijn binnenlandse politiek, zijn maatschappijmodel, wegdrijven van de Europese Unie (EU)? Het zou misschien wel modern ogen, maar niet Westers zijn. De tegenstanders van Turks EU-lidmaatschap hekelen Erdogan, maar in feite zou een overwinning van hem een godsgeschenk zijn voor hen. Nu al gaan er her en der stemmen op die zeggen dat het in geval van een AKP-zege beter zou zijn de onderhandelingen met de kandidaat-lidstaat af te breken. Dat is het paradoxale: dat Erdogan en zijn tegenstanders in Europa nu zondag objectieve bondgenoten zijn.

(Dit artikel verscheen eerder op www.knack.be)